Bedenktijd beëindigingsovereenkomst

De vaststellingsovereenkomst, ook wel de beëindigingsovereenkomst genoemd, is niet direct definitief wanneer werkgever en werknemer beiden hebben getekend. In Nederland hebben we te maken met het nieuwe ontslagrecht, ook wel de WWZ-regels. Hierin staat vermeld dat het de werkgever verplicht is om een bedenktermijn op te nemen in de vaststellingsovereenkomst. Dit is een periode waarin de werknemer mag terugkomen op zijn beslissing op de beëindigingsovereenkomst te ondertekenen. Dit betekent dat de vaststellingsovereenkomst pas definitief is als deze bedenktermijn voorbij is en de werknemer niet is teruggekomen op zijn of haar beslissing.

Een wettelijke bedenktijd van 14 dagen

De wettelijke bedenktijd bedraagt in totaal 14 dagen. Het is belangrijk om te weten dat de bedenktijd uitsluitend geldt voor de werknemer. De werkgever, die de vaststellingsovereenkomst heeft opgesteld, heeft geen bedenktijd. Vanaf het moment dat de werkgever de overeenkomst ondertekent is het voor zijn of haar kant dus wel definitief. De werknemer heeft 14 dagen de tijd om zijn of haar ondertekening ongedaan te maken. Er dient dan een schriftelijke verklaring te worden afgegeven dat de werknemer zich wil beroepen op het recht de beslissing te herroepen. Dit betekent dat de vaststellingsovereenkomst, zoals ondertekent, niet geldig is. Er dient dan een nieuwe vaststellingsovereenkomst opgesteld te worden. Wanneer deze wel volledig naar wens is en door beide partijen wordt ondertekend, dan gaat opnieuw een bedenktijd van 14 dagen in voor de werknemer.

Vanaf welk moment start de bedenktijd?

Op de vaststellingsovereenkomst staat een datum weergegeven waarop deze specifieke vaststellingsovereenkomst tot stand is gekomen tussen werkgever en werknemer. Deze datum wordt aangehouden als startdatum. Vanaf deze dag gaat de bedenktermijn van 14 dagen in. Het is de werknemer niet toegestaan om mondeling aan te geven dat deze alsnog niet akkoord wil gaan met de vaststellingsovereenkomst. Het is echt nodig dit schriftelijk te bevestigen. Uiteraard kunnen wij u hierbij helpen wanneer dit wenselijk is.

Wat gebeurt er als de vaststellingsovereenkomst wordt ontbonden?

Als de werknemer terugkomt op zijn of haar beslissing, en de vaststellingsovereenkomst dus eigenlijk niet naar wens is, dan moet er opnieuw worden onderhandeld. In de meeste gevallen is er één punt waar de werknemer het bij nader inzien toch niet mee eens is. Dit betekent dat er over dit punt opnieuw moet worden onderhandeld tot er een afspraak op tafel ligt waar de werknemer zich wel in kan vinden. Deze onderhandelingen kunnen kort duren, maar er kan ook nog wel wat tijd in gaan zitten. Het kan natuurlijk ook zijn dat de werknemer uiteindelijk besluit helemaal niet akkoord te willen gaan met een vaststellingsovereenkomst, omdat deze zijn of haar baan niet kwijt wil. In dit geval kan er geen vaststellingsovereenkomst worden opgesteld en zal de werkgever een ontslagprocedure moeten starten bij de kantonrechter of het UWV.

Een vaststellingsovereenkomst laten controleren

Het is in alle gevallen belangrijk dat de vaststellingsovereenkomst voldoet aan de gestelde eisen. Wanneer dit niet het geval is, dan kan het voorkomen dat de werknemer het recht op een WW-uitkering verliest. In de meeste gevallen is dit uiteraard niet wenselijk. Wilt u zeker weten dat de vaststellingsovereenkomst helemaal in orde is of wenst u ondersteuning bij het voeren van de onderhandelingen? Dan staan wij uiteraard graag voor u klaar.